cultuur

Silence out loud, Kranenburgh – tentoonstelling Joost Zwagerman

Geplaatst op Geupdate op

 

Heb je wel eens irritatie over de geluidsoverlast van je buren? Heb je wel eens overwogen je buren aansprakelijk te stellen voor de stilte die zij doorbreken? Kunstenaar Sarah van Sonsbeeck vroeg haar buren om tachtig procent van de huur te betalen omdat zij voor dat gedeelte haar woning vulden met geluidsoverlast. Zij onderzoekt de waarde van stilte en drukt dat uit in munten of goud zoals in haar werk Silence Is Golden But This Is No Silence. In de tentoonstelling laat zij een Faraday Bag en een Anti-Drone Tent zien waarin mobiele telefoons onbereikbaar worden. Zo herovert zij de stilte.
Stilte is onbetaalbaar en kun je niet kopen. Je kunt het wel opzoeken in de natuur, in de muziek of in de kunst. Joost Zwagerman heeft een intrigerende collectie samengesteld van beeldend werk waarbij de broosheid van stilte tastbaar wordt.
In museum Kranenburgh krijgen de werken alle ruimte. De indeling in verschillende zalen en thema’s maakt het beleven van de stilte tot een gelaagde ervaring.
De stilte van het landschap spreekt misschien het meest tot de verbeelding. Uitgestrekte landschappen waar niets gebeurt horen hier thuis zoals het werk van Koen Vermeule en Tornado van Raoul de Keyser maar ook een boom Red Tree met een heftige rode bladerenkroon van Sandra Derks. Het schilderij zuigt je naar binnen en je verdwaalt tussen de duizenden oranje-rode blaadjes in de stilte.
De portrettengalerij hult degene in stilte door een zak over het hoofd, een sluier of een pet voor het hoofd. Het lijkt of ze niet gekend willen worden en ze omhullen zich met stilte en afzondering. Het paars van de sluier in La sacrifeé valt extra op als het gezicht in nevelen gehuld is. Het fotoportret van Bart met gesloten ogen krijgt iets heel verstilds en roept de vraag op of degene slaapt of net is overleden. Waar ligt de grens tussen stilte en dood.

Wat opvalt in deze tentoonstelling is het terughoudend gebruik van kleur. Veel schilderijen of beelden zijn wit, grijs of zwart of een combinatie daarvan. De zwarte schilderijen en zelfportretten van Maaike Schoorel zijn daar een voorbeeld van. Op haar crèmekleurige doeken gebeurt hoegenaamd niets terwijl er zich toch hele taferelen afspelen. De roden worden dan extra opvallend zoals de bladerenkroon van Sandra Derks of de rode koffiepotten van Klaas Gubbels. Een verstild stilleven. Het plezier van de verf is er ook. Dat zag ik het duidelijkst in het werk van schilder Tjebbe Beekman getiteld Der Psychoanalalytiker. De divan en het rode Perzische kleed zijn in uitbundige roden geschilderd met pasteuze verf en klodders hier en daar. Je wilt niets anders dan neerploffen op deze uitnodigende, zachte bank en je overgeven aan het niets. De emailleverf geeft de strakke boekenplanken weer met het Freudiaanse werk binnen handbereik. Hier kan de patiënt tot rust komen, zijn verleden overdenken en zakken in de stilte.

Er is ook de heftige stilte van oorlog en geweld. Kunstenaar Ronald Ophuis is een meester in het weergeven van de gruwelijke stilte. De stille minuten na een terreuraanslag of de bom die ontploft. Zijn werk Schedel toont het oorlogsveld na het geweld. Troosteloos en leeg. Maar ook de stilte na een Miskraam. Een van de meest indringende schilderijen op de tentoonstelling. Het bloed van de vroeggeboorte is nog zichtbaar tussen de benen van de afgebeelde vrouw en druipt op de tegels. Deze moeder ziet haar blijde verwachting in rook opgaan, blijft achter met lege handen en zal geen kirrende babygeluidjes horen. Het blijft voor haar oorverdovend stil. De foto’s van deze tentoonstelling kun je hier bekijken.

Twee jaar is Joost Zwagerman bezig geweest met de voorbereiding van deze tentoonstelling. Er hangen werken van Marlene Dumas, Jan Dibbets, Jan Schoonhoven, Robert Zandvliet, Erwin Olaf, Atelier van Lieshout, Ina van Zyl, Rineke Dijkstra en vele andere internationaal bekende kunstenaars. Er is herkenning en ook verassing bij het nog onbekende werk en de combinaties van werken. Zwagerman is hierin een geweldige gids. Zijn kennis van de beeldende kunst is groots en meeslepend. Bij binnenkomst vallen we gelijk in zes grote schermen met opnames van De Wereld Draait Door. We zien Joost Zwagerman druk gesticulerend in beeld. Zonder dat je de gesprekken kunt volgen, zie je hoe Yvon Jaspers, Ali B en Matthijs van Nieuwkerk aan zijn lippen hangen. Zo ook het publiek. Wat een talent, een charisma en een stem die nooit meer spreken zal.
Deze tentoonstelling krijgt een extra lading omdat Zwagerman de opening nooit heeft meegemaakt vanwege zijn zelfgekozen dood. Ook die stilte is luid aanwezig. Zijn goede vriendin Jessica Durlacher schrijft hierover in de Groene Amsterdammer: “Als iemand die je kent het ongelooflijke doet dat zelfdoding is, laat hij zich plompverloren kennen in zijn meest intieme eenzaamheid. Het is een afwerping van maskers. Als zelfdoder laat je je kennen door nooit meer gekend te kunnen worden, je slaat de deur voor ieders neus dicht.”
De tentoonstelling Silence out loud is nog te zien t/m 12 juni in Museum Kranenburgh, Bergen.

Nachtvangst van Heringa/VanKalsbeek

Geplaatst op Geupdate op

Cockpit

Het kunstenaarsduo Heringa/Van Kalsbeek werd in 2013 door het Van Gogh Huis in Zundert uitgenodigd om met de plaatselijke corsobouwers samen te werken aan beelden voor het aardbeienfeest. Het duo greep die gelegenheid met beide handen aan. Het bloemencorso in het Brabantse Zundert is al jarenlang een bron van inspiratie voor Heringa/Van Kalsbeek evenals de vis- en bloemenmarkten in Azië. Vooral het afval achter de kramen prikkelt hun fantasie. Dichterbij huis is het niet de optocht, maar het verval dat optreedt na afloop als de wagens aan weer en wind worden overgeleverd. Zundert wordt elk jaar getroffen door de ‘Corsokoorts’. Grote tenten waar de corsobouwers aan de slag gaan, nemen het dorp over. In deze traditie voegen de kunstenaars in. De corsobouwers lassen grote stalen frames aan elkaar waarna de kunstenaars het verzagen en vervormen. De corsobouwers kijken vooral naar de buitenkant; de kunstenaars kijken naar de binnenkant. Heringa: ‘We willen de vorm van binnen en van buiten laten zien. Alsof iets dicht geweest is en open getrokken is.’ Een veelheid van gelaste lijnen ontstaat. Chaos. Het creatieve proces is gebaseerd op ‘het laten gebeuren’. Het duo neemt de vrijheid om te draaien, weg te gooien, toe te voegen, uit elkaar te halen en weer iets nieuws te maken. Als de vorm goed is, beplakken de kunstenaars het frame met papier en lijm. Een koeienschedel dient als inspiratiebron. Meerdere koeienschedels worden in elkaar gevoegd waardoor een plantaardige, organische vorm ontstaat. In het museum is deze creatie later te bewonderen als een roze, staand beeld Zonder titel. De handtekening van Heringa/Van Kalsbeek wordt gezet door het object te overgieten met epoxy en hars. Zo krijgen de sculpturen vlezige massa.

Orde en chaos

In het werk bestaan geen vastomlijnde plannen. De kunstenaars zijn de regisseurs van het toeval. Hun beelden balanceren op het kantelpunt tussen orde en chaos. De expressieve sculpturen zijn overdadig, dynamisch, bizar en rauw. De assemblages van gevonden voorwerpen, natuurlijke materialen en afgietsels zijn overgoten met gestolde kleuren van giethars, epoxy of glazuur. Een feest om naar te kijken zoals Bountiful 2013. Een puntige rood, roze sculptuur van staal, papier en polyester. Van dichtbij is het net een schilderij. De combinatie van ruige en stoere materialen zoals staal met bleekroze tinten en fragiel papier geven de installaties iets kwetsbaars. Ontroerend intiem. Zoals Snowflake, een liggend object op de grond in tere bleke tinten. Lichtroze en wit. Fragiel papier rondom een stalen frame. Het binnenste van het skelet komt zichtbaar naar buiten. Bij de hangende en bewegende Zwaan is dit nog sterker. Het object in lichtwitte tinten zweeft in een donkere ruimte, bewegend door de luchtstromen. Het karkas is zichtbaar. De huidbewerking met sporen, aders, draadjes en nerfjes is prachtig om te zien. De afhangende hals met kop draait treurig zijn rondjes. Een intiem, verstild beeld. Het organische doet me even denken aan het werk van Maartje Korstanje hoewel die zich meer beperkt in materiaal en kleurgebruik.

Grillige huid

Grilligheid

Door de grillige vormen ontstaan associaties met verwelkende bloemen, lichaamsdelen, koraalriffen of futuristische capsules. De onderwaterwereld met koraalrif en visnetstructuren komt tot leven in The nature of my game uit 2014. De benen van een etalagepop steken brutaal naar buiten. De afdrukken van de onderkant van zwammen laten een hele fijne nerfstructuur zien. Mooi is het contrast met het vroegere werk. Daar ligt de oorsprong. De relatief onbekende keramische beelden die het duo vanaf eind jaren negentig maakte, staan wat stijfjes gepresenteerd in een ‘Chinese kamer’. Het duo begon met het maken van mallen van bloemen, handen en takken. Door het breken van keramiek in de oven en onverwachte glazuureffecten werd de rol van toeval in hun werk steeds groter. De serie steekt schril af bij de ‘Zundertse sculpturen’. Grilligheid is er al wel alsook de zichtbare huidstructuur maar het is nog heel ingehouden. Wat een vrijheid proef ik dan in hun latere, ruimtelijke werk.

Een duo in liefde en werk

Maarten van Kalsbeek en Liet Heringa werken samen vanaf 1998. Ze zijn een kunstenaarsduo en een liefdespaar. Ze zien elkaar dus dag en nacht. Liet heeft daar geen moeite mee: ‘Het is een keuze om samen te werken. Je kunt op avontuur met z’n twee. Dat is juist goed voor de liefde en een goede basis voor het samenzijn.’ In de samenwerking inspireren ze elkaar. Maarten: ‘Het is dingen laten gebeuren door de ander een ingreep te laten doen, hoe de ander invloed heeft op de toevalligheid en hoe je daar vervolgens op doorhakt. De sturing kwijt raken.’ In het illustrerende filmpje is duidelijk te zien hoe ze samen achter een tafel staan met handschoenen aan, druipende objecten aan een waslijn voor zich. Liet giet er wat epoxyhars overheen, de draden en slierten druipen naar beneden. Maarten vangt de draden op en kringelt ze met een verfstokje terug op het voorwerp. Zo werken ze samen, dicht naast elkaar, de waslijn af.

Nachtvangst, Heringa/Van Kalsbeek, Stedelijk Museum ‘s Hertogenbosch, 13 september 2014 t/m 11 januari 2015 http://www.sm-s.nl

Call of the Mall

Geplaatst op Geupdate op

persistent illusions SONY DSC SONY DSCOudere Utrechters herinneren het zich misschien nog; de opening van Hoog Catherijne in 1973. De band Pussycat trad op en de koningin maakte haar opwachting in dit wonderschone shoppingparadijs met palmen, dakterrassen, zithoekjes, een theater, volières, kunst en kroonluchters. Het moest een ontmoetingsplek worden voor bewoners en winkelend publiek. Nog geen tien jaar later zaten daklozen op de bankjes van bewoners en werden gangen gesloten, junks weggejaagd en het meubilair hufterproof gemaakt. Kantoren kwamen leeg te staan, het nieuwe werken deed zijn intrede, shoppen bij webwinkels nam toe en winkels gingen failliet. De droom brokkelde langzaam af. De utopie van architecten transformeerde langzaam tot een dystopie. Dit jaar bestaat het winkelcentrum veertig jaar  en gaat gigantisch op de schop. Een mooie aanleiding voor kunstenaars om op dit spannende grensvlak tussen afbraak en vernieuwing kunst te tonen. Zo ontstond het initiatief Call of the Mall. Het kunstenaarstrio Troika speelt in op die grandeur van vroeger toen Hoog Catherijne nog een fontein had, een plek van herkenning en ontmoeting. Koningin Beatrix opende het winkelcentrum door de fontein te laten spuiten. Troika schept met Persistent Illusions een fontein anno 2013 en een nieuwe illusie. Kabels in pasteltinten worden met grote snelheid opgezogen en weer uitgespuwd. Van een afstand lijkt het een fontein en heeft diezelfde aantrekkingskracht op mensen. Onder bewonderende blikken ontstaan korte gesprekken tussen vreemden. Dit gebeurt ook in de gloednieuwe parkeergarage onder het Godebaldkwartier. Het viel kunstenaar Maze de Boer op dat deze nieuwe ondergrondse plek zo contrasteert met het oude en deels vervallen Hoog Catherijne. Hij maakte zijn installatie 1973 in de parkeergarage en stemde de kleuren af op het strakke interieur. Hij heeft een set auto’s uit 1973 geparkeerd in de vakken en grijs geverfd. Netjes in het gelid staan een Daf, een Saab, een Eend, een Peugeot en nog wat modellen uit die tijd. Een parkeergarage is doorgaans een plek om snel te komen en weer weg te gaan maar nu blijven mensen (vooral mannen) staan kijken en zich verlekkeren. Auto’s uit die tijd zijn karakteristieker dan nu en bijna iedereen heeft wel een herinnering aan dat ene model waarin je vader reed of wat je eigen eerste autootje was. Zo ontstaan verhalen op een plek waar doorgaans niemand stil staat. Aan Call of the Mall doen twintig (inter)nationale kunstenaars mee en het maakt Hoog Catherijne tot een kunstlocatie die zeker de moeite van het bezoeken waard is. Laat je verrassen door de Mondriaan-girls, het theater, de mega-tekening van Robbie Cornelissen, de levensechte Tankman, de Vergunningvolle zone, het tuintje op het dakterras waar elke vrijdag gewerkt wordt en die prachtige theepot van Lilly van der Stokker. De foto’s zie je hier. Informatiepunt en een plattegrond zijn te vinden bij Hoog Brabant voor de fontein van Troika. Call of the Mall in Hoog Catherijne en rondom het stationsgebied is nog te bezoeken t/m 22 september 2013.

Dit is een voorpublicatie uit het artikel voor Beelden dat eind september verschijnt.